Geschiedenis

De Geschiedenis van Scouting
Het programma van Scouting is gebaseerd op de ideeën van de Engelsman Sir (later: Lord) Robert Baden-Powell of Gilwell (of `B-P’). Lord Baden-Powell was in zijn tijd een heel beroemd legerofficier.

Hij bedacht het Scoutingspel aan het begin van de 20e eeuw, dus ongeveer 100 jaar geleden. Maar Scouting ontstond niet van de ene dag op de andere. Rond 1903 spelen duizenden jongens in Engeland tot verbazing van Baden-Powell een spel dat is gebaseerd op zijn boek ‘Aids to scouting’. Hij had het boek eigenlijk geschreven voor legerverkenners. De jongens noemen zich ‘B.P.-Scouts’.

Tijdens het schrijven van het boek Scouting for boys neemt Baden-Powell de proef op de som. Vanaf 1 augustus 1907 houdt hij met 21 jongens een kamp op Brownsea Island voor de Engelse Zuidkust. Dit wordt gezien als het begin van de wereldwijde Scoutingbeweging zoals wij die nu kennen.

 

Image
Het boek Scouting for boys wordt uitgegeven in 1908. Het is een spectaculaire bestseller. Door de bekendheid van B-P zijn er in Engeland al binnen een jaar 60.000 jongens enthousiast bezig met het spel wat Baden-Powell Scouting noemde. Vanaf dat moment ging het razendsnel. Overal over de hele wereld ontstaan spontaan ‘verkennersgroepen’. Deze waren in het begin bedoeld voor jongens van 12 tot 18 jaar. Maar niet alleen jongens, ook meisjes wilden meedoen aan het spel. Zo ontstonden al snel groepen padvindsters. Natuurlijk wilden ook de jongere broertjes en zusjes meedoen aan het Scoutingspel. Dat was het begin van de welpen- en later kaboutergroepen. En doordat te oud geworden verkenners toch graag scout wilden blijven, ontstonden de ‘voortrekkers’. Al snel worden dan de eerste grote kampen gehouden, zoals in 1920 de eerste Wereld Jamboree in Londen.

Scouting in Nederland begon in 1910. In dat jaar werden de eerste verkennerstroepen gevormd in een paar steden. De eerste landelijke organisatie werd ook in 1910 opgericht: de Nederlandse Padvinders Organisatie. De NPO ging in 1915 samen met de Nederlandse Padvinders Bond en heette van toen af De Nederlandse Padvinders (NPV). De NPO en NPV waren voor jongens van alle godsdiensten. Desondanks richtten de Rooms-katholieken in 1938 hun eigen organisatie op, de Katholieke Verkenners. De twee organisaties werkten wel op veel gebieden samen.

Scouting voor meisjes begon in Nederland in 1916 met de oprichting van het Nederlands Meisjes Gilde, later omgedoopt tot Nederlands Padvindsters Gilde (NPG). Dit werd later gevolgd door een aparte Katholieke organisatie, de Nederlandse Gidsen Beweging.

Het hoogtepunt van de vooroorlogse geschiedenis van Scouting in Nederland was de 5e Wereld Jamboree. Die werd in 1937 gehouden in Vogelenzang bij Haarlem. Dit was de laatste Wereld Jamboree waar B-P zelf nog bij was. B-P overleed in 1941.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden alle scoutingactiviteiten verboden door Nazi-Duitsland, maar veel scoutinggroepen gingen in het geheim door. Veel scouts gingen bij het verzet of hielpen anderen door de verschrikkingen van de oorlog heen. Na de oorlog kwam Scouting snel weer terug en werd weer net zo populair als voor de oorlog.

In 1973 zijn de vier oude verenigingen NPV, NPG, KV en NGB na vijf jaren van vergaande samenwerking gefuseerd tot één organisatie: Scouting Nederland. De Engelse naam Scouting werd toen gekozen om niet de voorkeur te hoeven geven aan de naam van één van de oorspronkelijke organisaties. Binnen de vereniging Scouting Nederland zijn nog steeds elke week meer dan 125.000 kinderen en jongeren bezig met allerlei leuke en uitdagende activiteiten. Een leuk weetje:

Lord Baden-Powell was eens bij een Indianenstam op bezoek. Hij zag dat de Indianen elkaar de linkerhand gaven. Toen hij vroeg waarom ze dat deden antwoordden de Indianen: “Omdat die hand het dichtst bij het hart zit en wij in die hand nooit een wapen dragen”. Dat vond Lord Baden-Powell zo’n mooi gebruik dat hij het voor scouting heeft overgenomen.

Laatst geupdate op ( woensdag 09 mei 2007 )